Winterse Pelgrimstocht naar Compostela

 

Men vroeg mij dikwijls:
"Waarom ga je in de winter naar Compostela ?"
Ik antwoordde gewoon: "Waarom niet ?"
Zo eenvoudig is het. Met een beetje naïviteit en
veel vertrouwen en geloof dat het mogelijk is, geraak je er.
Alles wat komt, neem je er gewoon bij.

 

 

Daar sta je dan op 1 januari 1989 in de Antwerpse Sint-Jacobskerk, met je rugzak, je warme kleren en je stevige schoenen. Je krijgt je zegen en je geloofsbrieven. Eindelijk is het dan zover: je kunt, je mag vertrekken. Enkele andere pelgrims die de tocht voordien al gemaakt hebben, gaan een eindje mee.
Een omwegje langs de kathedraal. Op straat liggen hier en daar de overblijfsels van de jaarwisseling: confetti, een gebroken glas in de goot. Een dronkelap schuift voorbij. In de kathedraal wijst iemand op de vorm van het wijwatervat: een schelp, het symbool van de pelgrims naar Compostela.
Aan het stadspark neem je afscheid van de collega die het verst is meegelopen. Je bent nu alleen en nu begint het echte avontuur. Heel wat kilometers wachten op je... Een massa dagen voor de boeg.. Een pak vragen wachten op een antwoord.

 

Aan de Maas in Namen Bij St-Jacobskerk in Antwerpen Langs de vaart in Mechelen naar Leuven

 

De tocht

Uiteindelijk werden het voor mij 80 dagen. Elke dag werden er tussen de 15 en 42 km afgelegd. Geen twee nachten heb ik op dezelfde plaats geslapen.
Mijn route was vooraf niet uitgestippeld. Vaag had ik wel een idee hoe te stappen: Antwerpen, Beauraing, Parijs, Rocamadour, Lourdes, en vanaf de Pyreneeën de 'Camino Frances' over Pamplona, Burgos en Leon naar Santiago. Met het uitstippelen van de exacte route wachtte ik steeds tot enkele dagen voor de betreffende etappe. Ook mijn kaarten kocht ik pas op het moment dat ik in de streek was. Die kaart knipte ik dan kapot en ik behield alleen de stukken die ik nodig had.
 

De eerste dag ergens in Kontich

 

Ik had geen tentje bij, alleen een bivakzak voor in geval van nood. Die heb ik zelfs nooit moeten gebruiken. Bijna nooit wist ik vooraf waar ik zou kunnen overnachten. Soms kwam ik in een dorp waar geen enkele slaapgelegenheid was en dan ging ik maar een dorp verder. Daar vroeg ik opnieuw aan de pastoor en de burgemeester of er geen plaatsje was waar ik met mijn slaapzak zou kunnen liggen. Soms sliep ik in de parochielokalen, een school of een zaal. Enkele keren kon ik bij particulieren terecht en anders in een klein hotel, in een klooster of in een jeugdhuis. Zo verbleef ik o.a. in de jeugdherbergen van Namen, Arpajon en Vierzon. In Auch werd een extra omweg van 2 km me niet beloond. Met het bordje 'Volzet' restte er me niets anders dan te overnachten in het eerste het beste hotel. Ik was doodmoe.

 

Gevaarlijk

Omdat ik zo vroeg in het jaar vertrokken was, liep ik de eerste weken 's avonds in het donker. Dat was niet zo prettig en ook een beetje gevaarlijk. De auto's merkten mij niet zo vlug op alhoewel mijn stok van reflecterend materiaal was voorzien. Maar elke dag bleef het langer licht en dat gaf hoop.
Meerdere malen ben ik moeten opzijspringen voor wagens. De bestuurders verwachten je niet als je links van de weg loopt. Het gevaarlijkste is het als een auto achter je een andere voorbijsteekt. Je ziet ze dan zelf niet afkomen en ze scheren rakelings langs je door. Als je plots een auto achter je fel hoort optrekken, spring dan al maar opzij.

   

 

Winterweer

Met het weer heb ik ontzettend veel geluk gehad. In België was het bewolkt en mistig. Dan tot Parijs veel mist, maar toch soms al eens zon, vooral wanneer het een beetje gevroren had. Na Parijs werd het prachtig. 's Morgens goed gevroren met mooie ijzel, ideaal om er een goede tred in te houden. Rond de middag werd het dan warm zodat ik mijn jas moest uittrekken. In Frankrijk heb ik zo vijf weken gelopen zonder één wolkje te zien.
Tegen de Pyreneeën  kreeg ik nog enkele regenvlagen, maar ik kon zonder problemen de oude pelgrimsweg over de bergen nemen. Er lag daar in februari haast geen sneeuw.
In Spanje begon het te regenen zodat de Camino soms in een modderpoel werd herschapen. Bijgevolg was ik verplicht om veel op het asfalt te lopen. In de buurt van Logrono kreeg ik de eerste sneeuwvlagen, die gevolgd werden door verschrikkelijke stormwinden. Drie dagen heb ik moeten vechten tegen de felle wind. Soms moest ik gaan schuilen in duikers onder de weg of in droge rivierbeddingen.
Gelukkig lag er op de hoogte van Cebrero ook geen sneeuw. Ik heb vernomen dat anderen later daar door sneeuw van bijna een halve meter moesten ploeteren. In het groene Galicië was de regen natuurlijk van de partij, maar dat neem je er graag bij als de torens van de kathedraal van Compostela bijna in zicht zijn.

   

De pyreneeën Puente la Reina Lourdes

 

De Camino

Vanaf Saint-Jean-Pied-de-Port (Atlantische Pyreneeën) wordt de tocht heel anders. Vandaar tot in Compostela is er namelijk een gemarkeerd wandelpad. Slechts enkele stukken lopen nog op de gewone weg. Ondanks de gele markeringen en gele wimpels ben ik er toch tweemaal in geslaagd om enkele kilometers verkeerd te lopen.
In de winters zijn de refugio's ook niet zo ideaal. Men verwacht dan geen pelgrims en meestal is het water afgesloten of liggen de matrassen weggestapeld. Ook verbouwingswerken beletten je dan gebruik te maken van de refugio's. Trouwens, refugio's heb je in soorten. Ze variëren van primitieve hokken tot prachtige slaapzalen met stapelbedden, warm water, douche,enz...

   

Castrojeriz Het spaanse binnenland

 

Honden

Alle pelgrims hebben er mee te maken. Honden en pelgrims blijken maar niet samen te gaan. Overal waar je komt, zelfs in de kleinste dorpjes, is het een geblaf en gehuil van jewelste. Meer dan eens werkt dat danig op de zenuwen. De honden die vastgemaakt zijn of opgesloten zitten gaan het hevigst te keer, maar uiteindelijk is het nog het meest oppassen voor de schijnbaar kalme, loslopende honden want die durven je in de rug aanvallen.
Met uitzondering van een vrouw die er woont met haar schapen en vijf honden, is Foncebadon een verlaten dorp in de bergen. Elke pelgrim weet dat en verwacht zich dus aan die honden. Toch is het zeer angstaanjagend als die grote beesten huilend en grollend rond jou springen. De stenen die ik speciaal voor die ontmoeting voorzien had, heb ik niet moeten gebruiken. Ik heb die keien bij het verlaten van het dorp onder het 'Cruz de Ferro' gegooid. Elke pelgrim die er langskomt werpt er een steen bij en inmiddels is dat al een hele berg geworden.

 

Waar is de weg? (Leon) Cruz de Ferro De lente komt

 

Alleen

Als je alleen loopt heb je enkel problemen met jezelf. Je doet wat je wil, maar soms kan het alleen zijn wel zwaar wegen. In de zomer kom je allicht nog ander pelgrims tegen maar in de winter zie je haast niemand. Soms stel je 's avonds vast dat je die dag bijna nog geen woord gezegd hebt. Om je zinnen wat te verzetten kun je een radiootje meenemen en tegenwoordig zijn er al wereldontvangers ter grootte van een pakje sigaretten. Ik volgde bijna elke dag het nieuws en de programma's van Radio Vlaanderen Internationaal (RVI).

 

Goede Vrijdag in Compostela Het einddoel Bij het beeld van Sint Jacob

 

Eindelijk...

Eindelijk Santiago de Compostela. Daar sta je dan op de Monte del Gozo. Je bent drie maanden ouder en je hebt ongeveer 2300 km in de benen. Je schoenen zijn tamelijk afgesleten, je rugzak met koorden hersteld, de kleren vuil en kapot. Het valt je op dat de gele brem in bloei staat. Na wat zoeken bemerk je de toren van de kathedraal tegen een schitterende avondlucht. Naar dit moment heb je zo uitgekeken. Je bent gelukkig dat je het gehaald hebt, maar meteen ook een beetje triestig omdat deze grote tocht voorbij is. Rusten en nogmaals rusten. Dat is het programma van de volgende dagen.

Het is bijna Pasen. Boeteprocessie in een stad vol toeristen. En op Paaszondag zwaait de Botafumiero (een reuzegroot wierookvat) door de zijbeuken van een bomvolle kathedraal. Vroeger was dit om de slechte geur van het pelgrimsvolkje te verdringen. Nu zit er slechts één echte pelgrim, goed gewassen, zoals iedereen. Hij valt niet echt op. Niemand weet het...

 

Geluidsfragmenten van Radio2 in MP3-formaat:

Pelgrim Paul belde tijdens zijn tocht elke week naar Koffers&Co en verhaalde daar zijn belevenissen.
01 januari 1989  Antwerpen :  compos00antwerpen.mp3
03 januari  Wavre :  compos01wavre.mp3
11 januari Château-Porcien : compos02porcien.mp3
18 januari Pantin (Paris) :  compos03paris.mp3
25 januari Vierzon :  compos04vierzon.mp3
01 februari Treignac :  compos05treignac.mp3
08 februari Valence d'Agen :  compos06valence.mp3
15 februari St-Pé-de-Bigorre :  compos07bigorre.mp3
22 februari Cizur Menor :   compos08cizur.mp3
01 maart Belorado :  compos09belorado.mp3
08 maart Mansilla de las Mulas :  compos10mansilla.mp3
15 maart Cebreiro :  compos11cebreiro.mp3
22 maart Santiago de Compostela :  compos121santiago.mp3
22 maart Santiago de Compostela :  compos122santiago.mp3

  

   Etappen

© Paul Versteven       

 

 

Back to Pilgrim Pages